Angstcultuur bij Het Noordbrabants Museum volgens noodbrief personeel
Tientallen medewerkers van Het Noordbrabants Museum in Den Bosch stuurden in december een noodbrief naar de raad van toezicht. Een groep van 21 ondertekenaars spreekt van een angstcultuur, hoge werkdruk, vertrek van collega’s en dalende bezoekersaantallen. Dit meldt het Brabants Dagblad.
Signalen uit de organisatie
- voortdurende uitstroom van personeel
- hoog ziekteverzuim
- dalende bezoekersaantallen en afhakers onder partners en sponsoren
- projecten die starten met te weinig voorbereiding
- verlies van inhoudelijke kwaliteit
De briefschrijvers leggen de verantwoordelijkheid bij directeur Jacqueline Grandjean, sinds 2022 in functie. Zij zou besluiten wijzigen, afspraken intrekken en medewerkers onvoldoende serieus nemen, waardoor mensen hun zorgen niet durven te uiten.
Gevolgen buiten het museum
Volgens medewerkers raken ook externe relaties beschadigd. Bruikleenaanvragen zouden te laat worden ingediend of afspraken worden afgezegd, wat leidt tot terughoudendheid bij andere musea. Extra kosten en een groeiende afhankelijkheid van externe partijen worden eveneens genoemd.
Druk op bezoekersaantallen en financiën
Het museum zag in 2024 het bezoekersaantal dalen van ruim 250.000 naar 133.000. Dat resulteerde in een verlies van ongeveer 80.000 euro. Grandjean noemde 2024 eerder een jaar waarin het museum nieuwe doelgroepen probeerde te bereiken.
Reactie van de raad van toezicht
De raad van toezicht schakelde na ontvangst van de brief een extern onderzoeksbureau in. Het onderzoek duurt ongeveer zes weken en richt zich op patronen en structuren binnen de organisatie. Hans van de Bunte is aangesteld als interim‑directeur om Grandjean te ondersteunen en processen te analyseren. Grandjean blijft formeel verantwoordelijk voor het beleid.
Voorzitter Eric van Schagen zegt dat de raad is geschrokken, maar ziet geen directe aanleiding om het vertrouwen in Grandjean op te zeggen. De anonieme aard van de brief maakt het volgens hem lastiger om conclusies te trekken. Van Schagen benadrukt dat onrust ook een startpunt voor verbetering kan zijn.